Het Dolhuys, nationaal museum van de psychiatrie

Op een zonnige dag toog een afvaardiging van de redactie van Denkraam met de trein naar Haarlem CS, vanwaar het maar 10 min. lopen is naar de Schotersingel nr. 2. Het Dolhuys is een museum in een voormalig dolhuis, waar sinds 1560 krankzinnigen werden verpleegd. Het oudste gedeelte van het complex dateert uit 1320; toen lag het gebouwde buiten de stadsmuren en werd het gebruikt als leprozerie, omdat leprozen niet de stad in mochten. Deze leprozerie was ook de officiële schouwplaats voor leprozen; lepraverdachten uit heel Holland werden hier geschouwd. Hadden ze lepra, kregen ze een ‘vuilbrief’ mee die hen het recht gaf te bedelen en te wonen in een leprozerie in hun eigen woonplaats. Ze kregen ook een klepper mee met het Haarlemse stadswapen, waarmee ze de mensen moesten waarschuwen voor hun ziekte.

Na de overwinning van de lepra werd de behuizing in 1559 verbouwd en ingericht tot dolhuis waar krankzinnigen werden ondergebracht. Rustige patiënten mochten er vrij rondlopen, drukke patiënten werden in dolcellen opgesloten achter een getraliede deur;
ze hadden een houten ligbed en een poepdoos. Wat licht en lucht kwamen via een luikje boven in de cel. Deze cellen zijn nog te zien. Na de ‘dollen’ werden er in dit dolhuys achtereenvolgens syfilis patiënten, (oudere) zieken en tenslotte ook nog kinderen verzorgd.

Sinds 2005 is er het museum ‘Het Dolhuys’ geopend als nationaal museum van de psychiatrie, ingericht als een belevingsmuseum: het gaat niet alleen om de verzameling spullen maar vooral ook om de ervaringen en meningen van de patiënten.

Het Dolhuys wil overbrengen dat de grens tussen normaal en gek soms bijzonder klein is en geeft een breed overzicht van hoe er door de eeuwen heen met ‘gekte’ werd omgegaan. Zeer indrukwekkend zijn de 16e Eeuwse cellen voor de ‘dollen’, die nog volledig intact zijn. Er zijn enge attributen te zien, van dwangbaden, tot tangen, tot riemen, maar ook is er veel ruimte vrijgemaakt voor kunst en expressie, en getuigenissen, gemaakt en afgegeven door hedendaagse GGZ-patiënten.

Er zijn vele geluid- en beeldmaterialen, zowel tekeningen, foto’s als films en boeken, kasten van patiënten met hun vaak bizarre verzamelingen, een mooie binnen (moes)tuin, computers waarop je zelf je eigen brein kunt testen, enz.. Je kunt het Dolhuys gerust vaker bezoeken als je alles wilt zien en horen, ook al omdat er naast de vaste tentoonstelling wisselende exposities en regelmatig extra programma’s zijn.

Het museum biedt op woens-, zater- en zondagen de interactieve Rondleiding ‘Mystery History Tour’ van 14.00 – 15.00 uur, waarbij de bezoeker onder meer een exclusief kijkje krijgt in de historische Regentenkamer, één van de drie overgebleven 18e Eeuwse Regentenkamers in Nederland. De prijs van deze rondleiding is €2,50, exclusief toegang tot het museum a €5,00 p.p. / volledige bezoekersinfo zie: https://www.hetdolhuys.nl/bezoek

Tot 6 januari 2019 loopt de tentoonstelling ‘Zorgen voor de ziel’, die een unieke inzage geeft in de leefgemeenschap ‘La Devinière’, hét thuis voor 20 patiënten die in de reguliere psychiatrie zijn uitbehandeld.  Psycholoog Michel Hock besloot deze groep een thuis te geven. Waar de reguliere GGZ gericht is op herstel, biedt La Devinière een plek om te wonen. Behandeling vindt plaats vanuit het hart: aandacht, geduld en liefde staan centraal. Maar zo simpel als dit klinkt, zo moeilijk is de praktijk. Wat doe je als een bewoner iets doet dat helemaal buiten de maatschappelijke norm valt, of als iemand een gevaar vormt voor zichzelf of zijn omgeving? Fotografe Pia van Spaendonck legde de leefgemeenschap tot in detail vast in een ontluikende compilatie platen die het leven in La Devinière vertellen. Er is ook een boek van gemaakt.

Aan het Dolhuys is museumcafé ‘Thuys’ verbonden, waar bijna alles op de kaart biologisch/fairtrade is en waar je kunt theedrinken, lunchen, borrelen van 10:00-17:00. In de zomermaanden is ook het terras dagelijks (niet op ma) geopend, op één van de mooiste plekken in Haarlem aan het park langs de Slotersingel. Het museumcafé is vrij toegankelijk. Gezien het mooie weer genoot de redactie hier natuurlijk even heerlijk in de zon.

Malle Babbe
Malle Babbe is een schilderij van Frans Hals, dat rond 1634 is gemaakt. Het origineel hangt nu in Duitsland. Een bronzen sculptuur van Malle Babbe staat in Haarlem in de Barteljorisstraat (1978 Kees Verkade). Malle Babbe is sinds 1970 bezongen als prostituee; door Adèle Bloemendaal op muziek van Boudewijn de Groot en tekst van Lennaert Nijgh en door Rob de Nijs, die een hit had met het lied Malle Babbe; hetzelfde nummer als Bloemendaal’s maar met eigen aanpassingen. De Nijs bezingt een prostituee die hij begeert, Bloemendaal zingt het  nummer in de ‘ik-vorm’.

Uit onderzoek in het gemeentearchief Haarlem bleek dat er een echte Malle Babbe bestond, iets wat later bevestigd is door documenten van het Noord-Hollands archief. Zij heette Barbara Claes en was vanaf 1646 opgenomen in het arbeidshuis omdat zij verstandelijk gehandicapt was en waarschijnlijk leed aan cretinisme (aandoening door jodiumtekort). Daar stierf ze in 1663; het is onbekend hoe oud ze is geworden. De bijnaam Malle Babbe zou te danken zijn aan de verbastering van Malle Barbara; gekke Barbara. Ook Pieter Hals, een zoon van Frans Hals, werd opgenomen in het arbeidshuis. Onbekend is of Frans Hals Malle Babbe heeft ontmoet; het schilderij zou volgens Hals-kenners zo’n 10 jaar eerder geschilderd zijn. De uil heeft Hals waarschijnlijk pas later aangebracht en slaat mogelijk op het oud-Nederlandse gezegde “Zoo beschonken als een uil”. Meer interessante wetenswaardigheden en verhalen staan in een klein boekje, publicatie Het Dolhuys en te koop in de media/boek/museumwinkel voor ca. € 5,00.

Al met al een zeer aanbevolen dagje uit.

Bron: Dolhuys, het boeje, wikipedia, diverse https://www.hetdolhuys.nl/bezoek/agenda/

You may also like...

Add a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *